logo
Zoë Hoogland, nierpatiënt

Kinderen met een nierziekte

Ons land telt zo’n 240 kinderen tussen 0 en 18 jaar die geen ‘eigen’ werkende nieren hebben. Jaarlijks komen daar ongeveer 30 kinderen bij. Een slechte nierfunctie bij kinderen kan verschillende oorzaken hebben: een aangeboren afwijking, terugstromen van urine (reflux), steeds terugkerende nier- of nierbekkenontsteking, cystennieren, of een ernstige nierfilterontsteking (chronische glomerulonefritis of HUS).

Van alle nierzieke kinderen krijgt 30% een dialysebehandeling. De andere 70% heeft een donornier. Soms krijgen kinderen gelukkig al een donornier voordat dialyse nodig is. Maar een nierziekte blijft, ook met een donornier, altijd invloed hebben op het leven van een nierpatiënt. En op dat van hun ouders, broers en zussen.

We leven bij de dag

Jonge nierpatiënten willen vaak niets liever dan gewoon zijn; de dingen doen die andere kinderen ook doen. Maar voor hen én voor hun familieleden betekent dat omgaan met ziekte, tegenslag en onzekerheden. De gevolgen voor het dagelijks leven van het hele gezin zijn vaak groot. Vier jonge nierpatiënten en hun ouders vertellen. Nier in logovorm
Kinderen met een nierziekte: