Animatie hemodialyse
Als ze niet goed werken
Hemodialyse
Wanneer je nieren je bloed niet meer goed filteren, hopen zich afvalstoffen op in je lichaam. Doordat de nieren zo’n grote reserve hebben – je kunt zelfs met één nier een normaal leven leiden – zijn er pas verschijnselen als de nieren bijna niet meer werken. Iemand met slecht werkende nieren is vaak moe, heeft minder eetlust, moet vaak en veel plassen en heeft hoge bloeddruk. Het komt ook voor dat het lichaam vocht vasthoudt waardoor de armen en benen en het gezicht opgezet raken.
Wanneer iemand met slecht werkende nieren niet wordt behandeld, wordt hij steeds zieker en gaat uiteindelijk dood. Gelukkig zijn er kunstmatige manieren gevonden om het teveel aan afvalstoffen uit het bloed te verwijderen.
Wanneer iemand met slecht werkende nieren niet wordt behandeld, wordt hij steeds zieker en gaat uiteindelijk dood. Gelukkig zijn er kunstmatige manieren gevonden om het teveel aan afvalstoffen uit het bloed te verwijderen.
Peritoneaaldialyse
Dialyse
Bij dialyse wordt het bloed op een kunstmatige manier gezuiverd van afvalstoffen. Dit gebeurt niet zo goed als de nieren dat kunnen, maar het is net genoeg om in leven te blijven.
Het is een zware behandeling want je bent erg gebonden. En vaak moet nog steeds een streng dieet worden gevolgd en mag je niet veel drinken. Toch kunnen veel dialysepatiënten zich aanpassen en een niet al te slecht leven leiden. Er zijn twee vormen van dialyse: hemodialyse en peritoneaaldialyse.
Hemodialyse
Bij hemodialyse (hemo=bloed) wordt een slangetje in een bloedvat gebracht. Door dat slangetje gaat het bloed naar een dialysemachine en wordt daar gezuiverd. Daarna komt het weer terug in het lichaam. Dit duurt ongeveer 4 uur en moet zo’n 3 keer per week gebeuren. Hemodialyse gebeurt meestal in een ziekenhuis of speciaal dialysecentrum. Soms is het ook mogelijk om thuis hemodialyse uit te voeren.
Peritoneaaldialyse
Bij peritoneaaldialyse (peritoneum=buikvlies) wordt spoelvloeistof in de buikholte gebracht. Dit gebeurt via een slangetje in de buikwand dat tijdens een operatie is aangebracht en permanent blijft zitten. De buikholte is bekleed met het buikvlies dat veel bloedvaatjes bevat. De spoelvloeistof trekt de afvalstoffen uit het bloed dat door deze bloedvaatjes stroomt. Peritoneaaldialyse moet elke dag gebeuren, maar gelukkig het kan wel thuis. En sommige nierpatiënten spoelen alleen ’s nachts.
Het is een zware behandeling want je bent erg gebonden. En vaak moet nog steeds een streng dieet worden gevolgd en mag je niet veel drinken. Toch kunnen veel dialysepatiënten zich aanpassen en een niet al te slecht leven leiden. Er zijn twee vormen van dialyse: hemodialyse en peritoneaaldialyse.
Hemodialyse
Bij hemodialyse (hemo=bloed) wordt een slangetje in een bloedvat gebracht. Door dat slangetje gaat het bloed naar een dialysemachine en wordt daar gezuiverd. Daarna komt het weer terug in het lichaam. Dit duurt ongeveer 4 uur en moet zo’n 3 keer per week gebeuren. Hemodialyse gebeurt meestal in een ziekenhuis of speciaal dialysecentrum. Soms is het ook mogelijk om thuis hemodialyse uit te voeren.
Peritoneaaldialyse
Bij peritoneaaldialyse (peritoneum=buikvlies) wordt spoelvloeistof in de buikholte gebracht. Dit gebeurt via een slangetje in de buikwand dat tijdens een operatie is aangebracht en permanent blijft zitten. De buikholte is bekleed met het buikvlies dat veel bloedvaatjes bevat. De spoelvloeistof trekt de afvalstoffen uit het bloed dat door deze bloedvaatjes stroomt. Peritoneaaldialyse moet elke dag gebeuren, maar gelukkig het kan wel thuis. En sommige nierpatiënten spoelen alleen ’s nachts.
Niertransplantatie
![]() |
Een donornier kan afkomstig zijn van iemand die is overleden. Maar de wachtlijst is lang en het wel 5 jaar duren voordat er een geschikte nier is. Daarom gebeurt het steeds vaker dat iemand een gezonde nier krijgt van een familielid. Voordat een nier wordt getransplanteerd, wordt er altijd veel onderzoek gedaan om te weten of een nier bij iemand past. Dat verkleint de kans op afstoting van de nieuwe nier door het lichaam.
Als de transplantatie is gelukt en de nier niet wordt afgestoten, kan met de dialyse worden gestopt. Dat is een hele verbetering voor een dialysepatiënt. Maar iemand met een donornier moet wel zijn hele leven zware medicijnen slikken om te voorkomen dat de nier alsnog wordt afgestoten.
