Orgaandonatie na euthanasie

Vandaag besteedden de media (o.a. Volkskrant) naar aanleiding van het persoonlijke verhaal van de heer Mulder aandacht aan het onderwerp orgaandonatie na euthanasie.

De heer Mulder heeft een dodelijke, neurologische ziekte en wil zijn nieren na zijn euthanasie afstaan. Hij kan daarvoor  vooralsnog niet terecht in het ziekenhuis dat zijn huisarts namens hem benaderde. De Nierstichting is van mening dat indien dit een nadrukkelijk wens is van de persoon in kwestie, de orgaandonatie medisch een optie is en aan alle voorwaarden en protocollen kan worden gedaan, orgaandonatie na euthanasie mogelijk moet zijn. Het betreft bovendien een procedure die in andere ziekenhuizen al vaker is gevolgd.

Richtlijn in ontwikkeling
In Nederland is een groot tekort aan orgaandonoren. Patiënten staan jaren op de wachtlijst voor een nieuwe nier of andere organen. De wens van de heer Mulder om andere mensen die wachten op een donornier te helpen is dan ook een bijzonder moedige daad. Zorgvuldigheid is hierbij natuurlijk uitermate van belang. En de Nierstichting onderstreept dan ook het belang van de richtlijn over orgaandonatie na euthanasie die artsen en ethici van het Erasmus MC en het academisch ziekenhuis Maastricht momenteel ontwikkelen zodat ook andere ziekenhuizen en medici de juiste ondersteuning vinden om orgaandonatie na euthanasie op zorgvuldige wijze uit te voeren volgens de wens van de betrokkenen.

Niet altijd mogelijk
Orgaandonatie na euthanasie is niet bij alle patiënten mogelijk, omdat organen niet geschikt zijn voor donatie. Naar schatting komt 5 tot 10 procent van de patiënten bij wie euthanasie is uitgevoerd, in aanmerking voor orgaandonatie. Tot nu toe is de procedure vooral uitgevoerd bij patiënten met neurodegeneratieve aandoeningen als ALS, MS of de ziekte van Huntington.