Onafhankelijke monitor nodig voor minder zout

Er is onafhankelijke monitoring nodig om te zien wat het Akkoord Verbetering Productsamenstelling heeft opgeleverd. Dat stellen de Nierstichting en andere organisaties, in reactie op recente cijfers van de levensmiddelenindustrie zelf.

Deze week publiceerden de Federatie voor Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI) en het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel cijfers over het verbeteren van de samenstelling van voedingsmiddelen. Deze laten echter niet zien in hoeverre bewerkte voedingsmiddelen gezonder zijn geworden, sinds de ondertekening van het Akkoord Verbetering Productsamenstelling in januari 2014.

Verouderde cijfers
De infographic die het CBL en de FNLI maakten over de cijfers, bevat verouderde informatie. Daarom de roepen de Nierstichting, de Hartstichting, de Consumentenbond en de Nederlandse Hypertensievereniging, het RIVM en de NVWA op om in 2016 een uitgebreide monitor uit te voeren, zodat duidelijk wordt welke stappen echt zijn gezet sinds januari 2014.

Akkoord niet ambitieus
Het Akkoord Verbetering Productsamenstelling moet leiden tot minder zout, verzadigd vet en suikers in bewerkte voedingsmiddelen, en is ondertekend door het ministerie van Volksgezondheid en de FNLI en het CBL. Wat betreft de ambities, constateert zelfs de onafhankelijke Wetenschappelijke Adviescommissie, een onderdeel van het Akkoord, dat 'de reductiestappen van de gemaakte afspraken, gerelateerd aan de doelstellingen van het Akkoord, niet erg ambitieus zijn'. Vorig jaar constateerden de Nierstichting en eerdergenoemde partijen al dat waterdichte afspraken nodig zijn, en dat de Wetenschappelijk Advies Commissie niet serieus wordt genomen door de FNLI en het CBL.

Minder zout: hard nodig
In Nederland wonen zo’n 1,5 miljoen mensen met een chronische ziekte gerelateerd aan voeding, zoals hart- en vaatziekten, diabetes, chronische nierschade en kanker. In ons eten en drinken ligt een deel van de oorzaak. De meeste bewerkte voedingsmiddelen bevatten veel zout, verzadigd vet en suiker. Hier ligt dus ook de oplossing: verbetering van de productsamenstelling van bewerkte voedingsmiddelen. De Nierstichting, de Hartstichting, de Consumentenbond en de Nederlandse Hypertensievereniging vinden dat dit snel moet gebeuren. Consumenten hebben amper keuzevrijheid, doordat alle voedingsproducenten (fabrikanten, horeca, catering) veel zout, verzadigd vet en suiker verwerken in voedingsmiddelen.

Iedereen eet te veel zout
De Nierstichting vraagt al jaren aandacht voor het terugdringen van zout in voedingsmiddelen. Te veel zout verhoogt de bloeddruk en daarmee het risico op hart- en vaatziekten. Bovendien kan te veel zout zorgen voor nierschade. Bijna iedereen (85%) eet te veel zout. De maximaal aanbevolen hoeveelheid is 6 gram per dag, maar mannen eten gemiddeld bijna 10 gram, vrouwen bijna 8 gram. Zo'n 80 procent van het zout dat we eten, zit in bewerkte voedingsmiddelen. Als iedereen in Nederland 3 gram zout per dag minder zou eten, zouden jaarlijks zo'n 1.500 mensen minder sterven.