Subsidies voor innovatief onderzoek

De Nierstichting heeft vier innovatieve onderzoekers subsidie toegekend van elk € 100.000. Het betreft onderzoek naar de mogelijke beschermende werking van bepaalde vetzuren in voeding tegen acute nierschade, onderzoek naar het mechanisme achter een erfelijke nierziekte bij kinderen en twee projecten die bijdragen aan vroege opsporing van nierschade.

Nierschade is meestal onherstelbaar,  in beide nieren aanwezig en verergert in de tijd. Vaak merk je pas iets als de nieren nog maar 30% werken. Vroege opsporing is belangrijk, want alleen dan heb je kans om iets te doen tegen die verergering. Er is echter nog geen betrouwbare test die nierschade in een vroeg stadium kan aantonen. Twee onderzoeksprojecten gaan daarmee aan de slag.

Signaalstof wijst vroege nierschade aan
Dr. Carine Peutz-Kootstra (Maastricht UMC+) gaat de stofwisseling onderzoeken van nierweefsel met chronische of acute nierschade, om te ontdekken of er stoffen zijn die specifiek voorkomen bij nierschade. Zo'n signaalstof is een startpunt om een test te ontwikkelen waarmee je vroeg nierschade ziet aankomen.

Peutz-Kootstra kijkt met name naar endotheelcellen (de binnenbekleding van alle kleine bloedvaten, ook in de nieren). Nierschade begint vaak met schade aan kleine bloedvaten in de nieren. Recent werd bekend dat er een relatie is tussen een verstoorde werking van endotheelcellen en zulke bloedvatschade. Peutz-Kootstra gebruikt voor haar onderzoek Mass Spectrometry imaging, een nieuwe techniek die meerdere stoffen uit de stofwisseling tegelijk kan meten, en kan koppelen aan weefsels of zelfs cellen.

Exosomen verraden beschadigde niercel
Prof.dr. René Bindels (Radboud UMC) en dr. Ewout Hoorn en (Erasmus MC) zoeken ook handvatten om nierschade op te sporen, maar kijken daarvoor naar zogeheten exosomen: kleine blaasjes die onder andere eiwitten bevatten die niercellen uitscheiden in de urine. Bindels en Hoorn ontdekten al dat de inhoud van exosomen uit zieke niercellen anders is dan exosomen uit gezonde niercellen. Exosomen vormen daarom een potentieel aangrijpingspunt voor herkenning van nierschade. Maar: een goede methode ontbreekt nog om exosomen makkelijk en snel te kunnen onderzoeken. Bovendien is nog onbekend hoe de uitscheiding van exosomen verandert bij ontwikkeling van nierschade: worden het er meer of minder?, hoe verandert de verhouding van eiwitten en andere stoffen in de exosomen? Dat hopen Bindels en Hoorn met hun project op te helderen.

Mechanisme achter kindernierziekte
Een derde beurs ging naar dr. Rachel Giles (UMC Utrecht) en prof.dr. Olivier Devuyst (University of Zürich), voor meer inzicht in het mechanisme dat leidt tot het zogeheten renale Fanconi syndroom, en erfelijke factoren die daarbij betrokken zijn. Renaal Fanconi syndroom komt vooral voor bij kinderen. Het veroorzaakt grote urineproductie, botpijnen en zwakte en kan leiden tot nierfalen. De oorzaak van het syndroom is meestal de erfelijke ziekte cystinose; daarbij hopen kristallen op in een specifiek deel van de nierbuisjes. Bij renale Fanconi syndroom is ook dat specifieke deel beschadigd. De nierbuisjes kunnen daardoor bruikbare stoffen die onterecht in de urine belanden (zoals glucose, zouten en aminozuren), niet meer terugbrengen naar het bloed. Recent bleek dat MITF betrokken is bij ophoping van cystine. In hun project onderzoeken Giles en Devuyst hoe MITF invloed heeft op het gen CTNS, waarvan bekend is dat fouten (mutaties) daarin, cystinose veroorzaken.

Vetzuren tegen nierschade
De Nierstichting kende ook dr. Jaklien Leemans en dr. Geurt Stokman (AMC) een beurs toe. Zij gaan onderzoeken of bepaalde vetzuren in voeding kunnen beschermen tegen zogeheten oxidatieve stress bij acute nierschade. Oxidatieve stress in nierweefsel is een belangrijke aanjager van nierschade. Bij oxidatieve stress gaat er iets mis in de stofwisseling waardoor te veel zeer reactieve zuurstofmoleculen vrijkomen. Die maken dan cellen kapot. Vetzuren zoals meervoudige verzadigde vetzuren en vitamine-D-tussenvormen kunnen dat mogelijk tegengaan, omdat die vetzuren binden aan een eiwit dat betrokken is bij bescherming en herstel van weefsels, NLRX1.

NLRX1 is een immuun-eiwit dat ziekteverwekkers en weefselschade kan herkennen en herstel in gang kan zetten. Het komt alleen voor in de energiecentrales van de cel, de mitochondriën. Recent bleek dat bepaalde vetten waaronder meervoudig verzadigde vetzuren en vitamine-D3-tussenvormen, binden aan NLRX1. Met het project gaan Leemans en Stokman uitzoeken of dit beschermt tegen oxidatieve stress. Zo ja, dan is dit een eerste stap richting mogelijke voedingssupplementen met stoffen die binden aan NLRX1 en zo nierschade helpen voorkomen of behandelen.

Binnen het innovatie programma stelt de Nierstichting beurzen beschikbaar voor innovatieve, experimentele onderzoeksprojecten binnen nieronderzoek, betere behandeling van nierziekten en patiëntenzorg, vanwege hun grote potentiele waarde: voor nefrologische kennis en voor de kwaliteit van leven van nierpatiënten.